Ergens eind augustus 1997 (?) organiseerde Oane van Driesum, lid van de Werkgroep Easternijtsjerk 2020, voor de leden van deze Werkgroep een ‘uitje door de velden’ langs het oude riviertje de Peazens. Hij was daar als schooljongen geregeld langsgelopen op weg naar zijn zwager Jan Sijtsma die op een boerderij woonde onder Nes, aan de overkant van de Peazens. De polsstok was mee want niet overal konden de landerijen via een dam bereikt worden. Halverwege, bij een daar toen nog aanwezige kade voor opslag van landbouwproducten die vanaf die plek met scheepjes afgevoerd konden worden via de Peazens, werd er gestopt voor een picknick. Onderweg raakten de leden van de Werkgroep enthousiast over dit prachtige ‘pad’ langs de Peazens en toen de groep in Peazens werd opgewacht door de ‘ophaaldienst’ was de veel gehoorde opmerking: ‘Wat was dit mooi. Hier moeten wij iets mee. Een fietspad. Een wandelpad. Toerisme aanwakkeren! De andere dorpen erbij betrekken. Plannen maken en naar de gemeente, de provincie, Fryske Gea, de Gasunie!(zie verder: Fjellingswei – fietspad Easternijtsjerk-Peazens)
Het fietspad is er gekomen en werd in juli 2001 officieel geopend.Maar dit was maar de helft van het eigenlijke plan! Naast het fietspad langs de Peazens zat er in het plan, in samenwerking met de Verenigingen van Dorpsbelang van Nes, Peazens, Ljussens en Easternijtsjerk opgesteld, een wandel- en fietspad tussen Ljussens en Nes. Dat plan had als naam meegekregen: Vierdorpenfietspad rond de Peazens.De Werkgroep vond het niet meer dan logisch dat, als vervolg op het fietspad langs de Peazens, een soort ‘vierdorpenkruispunt’ gerealiseerd kon worden op hoogte van de intussen verdwenen Opslag, ongeveer waar tegenwoordig het gemaal is. Fietsers en wandelaars die bij de Opslag even stoppen hebben daar een prachtig uitzicht op de vier dorpen, kunnen genieten van de landelijke ruimte en zien aan de horizon de contouren van de zeedijk die dit gebied tegen het water van de Waddenzee beschermt.Daarnaast was Landschapsbeheer Fryslân in die jaren bezig met het Project Historische Voetpaden en de gemeenten in de Noordoosthoek deden daar aan mee. Projectleidster Taetske van Dalen had al 51 wandelpaden uitgewerkt met een totale lengte van 400 kilometer! Overal in Fryslân werden nieuwe paden aangelegd en oude in ere hersteld, paden die soms dwars door de landerijen liepen, soms verhard, maar soms ook gewoon nog als een smal paadje door het gras.Teatske had in de Noordoosthoek 4 paden op het oog en eentje ervan liep vanaf Wierum en Nes naar Ljussens: precies het traject van het ‘Vierdorpenfietspad rond de Peazens’ dat de Werkgroep op het oog had! Dat pad was een oud kerkepad en volgde deze route:
‘It begjint yn Wierum op ‘e Pastorijestrjitte rjochting Wie, mar dan yn de bocht op hichte fan de âld skoalle in boerepaad yn, it stiet oanjûn mei in buordsje. Men rint dan earst in hiel ein in reed del oant dy ophâldt en men op de foarikker rinne moat. Sawat healwei rjochting Nes in heak nei links en fierderop wer ien nei rjochts. Dêr moat men mei in planke in sleat oer en dan wer fierder by de foarikker del oant men op de Wiesterwei útkomt, dy oerstekke, it Nessemer bosk troch, by it stânbyld fan Nynke fan Hichtum lâns de Haadstrjitte del, om it doarp hinne it fytspaad op by Kostverloren, de Mokselbankwei oerstekke de Meinsmawei op, dêr it heechhout oer en dan op it fytspaad rjochting Grytsjewei nei Ljussens.
Dat laatste stukje is niet de oorspronkelijke route. Die liep namelijk vanaf de opslag over een pad langs een tochtsloot naar de boerderij op de terp Sjoorda en dan langs de boerderij van Hoekstra de Langgrousterwei op en daarna links naar Ljussens.Dat de oude route niet gevolgd kon worden had als oorzaak dat de boer op Sjoorda bezwaar maakte: het pad zou dan over zijn erf lopen, een gedeelte van het pad had hij ook al verwijderd en in gebruik als bouwland. Daar kwamen de leden van de Werkgroep, en na hen de gemeente die graag gebruikmaakte van het door de Werkgroep opgestelde projectplan!, toen er contact werd opgenomen met de boer. De oplossing werd gevonden in de aanleg van een stukje fietspad loodrecht naar de Langgrousterwei, een paar honderd meter richting Easternijtsjerk.
Dat dit pad vanouds een kerkepad was, is van overlevering nog wel bekend. Keimpe de Jong, hij zou 97 jaar worden, wist te vertellen dat zijn voorouders rond 1860 over dat pad van Wierum naar Ljussens liepen, naar de kerk van de Afgescheidenen. Hij wist nog dat er steeds een bootje klaar lag ter hoogte van de Opslag zodat ze daar de Peazens konden oversteken. In de oude lidmatenboeken van de kerk in Ljussens staan die voorouders inderdaad vermeld. Ook Klaas Mollema uit Nes had dat verhaal van zijn ouders gehoord. Als in 1892 in Nes een Gereformeerde Kerk wordt opgericht, worden verschillende inwoners van Nes, maar lidmaten van Ljussens, overgeschreven naar Nes. Het bestaan van dit kerkepad staat dus vast.
Op bijgaande kaart is dat kerkepad ook herkenbaar, hier aangegeven met een dikke zwarte lijn. Alleen het gedeelte Nes-Grytsjewei is aangegeven, maar wel het oorspronkelijke pad langs de boerderij op Sjoorda! Ongeveer waar de M van Meinsma’s pleats staat, werd een betonpad naar de Langgrousterwei aangelegd. Dat er destijds (de kaart is van 1853) meerdere voetpaden door de landerijen liepen, bewijst de ‘bolletjeslijn’, een voetpad van de Nijkerksterbrug naar de Kamp in Peasens.
Het riviertje de Peazens is eigenlijk het enige opstakel in dit ‘Vierdorpenfietspad’. Met een bootje het water oversteken is niet meer van deze tijd, er moest een andere oplossing komen voor het oversteken van de Peazens. De Werkgroep stelde voor een betonnen brug te bouwen, immers het grootste gedeelte van het pad was van beton gemaakt. Maar daar ging de gemeente niet mee accoord. Er werd contact gezocht met een ROC-school en daar maakten ze een mooie houten brug over de Peazens. Dat ging in twee keer want eerst was de brug nogal steil, immers gemaakt voor voetgangers. Maar fietsers die gebruikmaakten van dit bruggetje hadden er problemen mee en daarom werd de brug na een paar jaar iets minder steil gemaakt.